Geboorten en vruchtbaarheid

 

Bron

Statbel, bewerking Statistiek Vlaanderen

Eurostat

 

Definities

De geboorten die hier in aanmerking zijn genomen betreft het aantal levendgeborenen bij vrouwen uit de wettelijke bevolking met een officiële woonplaats (hoofdverblijfplaats) in het Vlaamse Gewest.

Levendgeborenen: alle kinderen die op het tijdstip van de geboorte een of ander teken van leven hebben vertoond (hartslag, pulseren van de navelstreng, ademhaling, spiersamentrekking, buigen van de ledematen, schreeuw of grimas), met uitsluiting van doodgeboren kinderen (cf. bepaling van de bron Statbel).

Vruchtbaarheid in demografische zin verwijst naar het feitelijk gerealiseerde aantal geboorten per vrouw.

Het vruchtbaarheidscijfer per leeftijd (of leeftijdsspecifiek vruchtbaarheidscijfer, LVC) is de verhouding tussen het aantal levendgeborenen bij vrouwen van een bepaalde leeftijd en het (gemiddelde) aantal vrouwen van die leeftijd.

Het totale vruchtbaarheidscijfer (TVC) is de som van het vruchtbaarheidscijfer per leeftijd over alle vruchtbare leeftijden (in de regel van 15 tot en met 49 jaar). De uitkomst kan begrepen worden als het aantal kinderen dat een vrouw in haar vruchtbare levensjaren zou krijgen als ze op elke leeftijd onder het vruchtbaarheidscijfer van het beschouwde jaar zou leven.

*Het is een conjuncturele maat voor de vruchtbaarheid (Fr. Indicateur conjoncturelle de fécondité, ICF), die in de regel veel meer schommelt dan het ‘finale afstammingscijfer’ dat de vruchtbaarheid aan het einde van de vruchtbare levenscyclus van een bepaalde generatie van vrouwen uitdrukt.

Leeftijd x

Statistische diensten hanteren 2 bepalingen van de leeftijd x bij het opstellen van demografische parameters, uitgaande van de zogenaamde ‘dubbele classificatie’ voor de leeftijd:

  1. leeftijd volgens de laatste verjaardag = het aantal voorbije verjaardagen;
  2. leeftijd volgens het geboortejaar = het aantal gehele jaren tussen observatiejaar en geboortejaar.

Afhankelijk van de beschikbare gegevens, gebruikten we één van deze bepalingen:

  • Evolutie TVC 2000-2017 -> leeftijd (x) volgens de laatste verjaardag (eigen berekeningen)
  • Leeftijdsspecifieke vruchtbaarheidsgraden -> leeftijd (x) volgens de laatste verjaardag
  • TVC voor Belgische en buitenlandse vrouwen -> leeftijd (x) volgens de laatste verjaardag
  • TVC per arrondissement Vlaams Geest, 2015-2017 (driejaarlijkse sterftetafels) -> met leeftijd (x) volgens het geboortejaar (eigen berekeningen)
  • TVC in Europees perspectief, 2016 -> leeftijd (x) volgens de laatste verjaardag (standaard voor Eurostat).

In eigen berekeningen zijn de TVC-waarden voor de leeftijden van 15 tot en met 49 jaar gerapporteerd.

Nazicht leert dat de uitkomsten voor TVC niet wezenlijk van elkaar verschillen volgens de beide leeftijdsbepalingen (verschillen in uitkomsten duiken in de regel slechts op vanaf het 3de decimale cijfer na de komma).

 

Opmerkingen bij de kwaliteit

  • Statbel meldt op haar publieke website: “De statistiek over geboorten en vruchtbaarheid wordt opgemaakt op basis van twee bronnen: de aangifteformulieren voor geboorten bij de burgerlijke stand en het Rijksregister [van de natuurlijke personen]. De eerste bron is de belangrijkste en rijkste. Hij biedt veel informatie over alle kinderen die in het land worden geboren (geboorten de facto) en over hun ouders. De tweede bron is de snelste. Hij geeft echter enkel informatie over de geboorten van kinderen van wie de moeder is ingeschreven in het Rijksregister. Door die twee bronnen met elkaar te combineren en vanaf 2010 het Rijksregister als basisbron te gebruiken registreert de statistiek enkel levendgeboorten [levendgeborenen] bij vrouwen die wettelijk in België verblijven, ongeacht of die geboorten in België plaatsvinden of in het buitenland. Die geboorten worden uitgesplitst volgens de administratieve eenheden van het land, volgens de voornaamste kenmerken van de moeder en volgens bepaalde kenmerken van de pasgeborene. Er kunnen tevens een aantal vruchtbaarheidsindicatoren uit worden afgeleid. Zo kan men het niveau en de evolutie van de demografische dynamiek van het land situeren.”
    Zie: https://statbel.fgov.be/nl/themas/bevolking/geboorten-en-vruchtbaarheid#documents
     
    De aangifteformulieren voor geboorten (bij de burgerlijke stand en het Rijksregister) worden in eerste instantie gecentraliseerd op het niveau van de gewesten en gemeenschappen. Zij bevatten veel meer informatie aangaande de geboorte, waaronder ook medische gegevens, dan wordt opgeslagen in het Rijksregister. Voor de Vlaamse overheid is het Agentschap Zorg en Gezondheid bevoegd voor verwerking van die aangifteformulieren (onder toezicht van daartoe aangestelde artsen-ambtenaren). Zij vormen dan ook de basis voor een geheel van geboortestatistieken van het Agentschap Zorg en Gezondheid.
     
    De aangifteformulieren bieden aanvullende informatie bij wat al is opgeslagen in het Rijksregister (geboorterang van het kind, het opleidingsniveau van de moeder van het kind, …). Soms is er tegenstrijdige informatie uit beide bronnen (bv. over de leeftijd van de moeder, haar woonplaats of haar nationaliteit); in zulke gevallen verleent Statbel voorrang aan de informatie van het Rijksregister.
     
    Pas nadat de voor overdracht aan Statbel bestemde informatie besloten in de aangifteformulieren voor geboorten het Belgische statistiekbureau bereikt, kan de definitieve wettelijke statistiek van de geboorten (en analoog van de sterfte) worden opgemaakt. Dat verklaart dat er naast de definitieve cijfers ook voorlopige cijfers worden gepubliceerd. Het is een compromis tussen de nood aan volledigheid en accuraatheid van de statistiek enerzijds, tijdigheid anderzijds.
     
    De coördinatie van het geheel aan registraties voor de opmaak van de wettelijke geboortestatistieken wordt door Statbel waargenomen. De diverse betrokken federale en regionale partners komen dan ook geregeld samen om hun werkzaamheden nader op elkaar af te stemmen (cf. bijeenkomsten van de Werkgroep COD - Causes of Death).
     
  • Statbel neemt enkel ‘wettelijke geboorten’ in aanmerking, t.w. van pasgeborenen waarvan de moeders op het tijdstip van de geboorte hun wettelijke woonplaats in België (of zijn gewesten) hadden en tot de wettelijke bevolking gerekend worden (met uitsluiting van het wachtregister voor asielzoekers). Daarbij wordt (sedert 2010) gesteund op de registers voor de wettelijke bevolking in het Rijksregister van de natuurlijke personen (RR) als referentiebron.
    Geboorten bij moeders die niet tot de ‘wettelijke bevolking’ van België behoren (diplomaten, personen op bezoek, mensen zonder geldige verblijfspapieren, personen ingeschreven in het wachtregister voor asielzoekers, ...) worden voor de wettelijke geboortestatistieken niet meegeteld. Geboorten van kinderen geboren in het buitenland uit moeders met een wettelijke woonplaats in België (en voor het Vlaamse Gewest bijvoorbeeld van kinderen geboren in het Waalse Gewest) zijn wel meegeteld.
     
    De federale overheid rapporteert periodiek over de statistieken van de geboorten (en overlijdens) aan diverse internationale instanties, waaronder Eurostat en de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO).
     
  • Kind en Gezin maakt ook eigen statistieken aan over de geboorten gebaseerd op de eigen registraties van de geboorten in Vlaanderen (geboorten in het Vlaamse Gewest en deels ook in  het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest). Deze statistieken bieden belangrijke aanvullende en voor hun doel meer precieze inlichtingen.
     
  • Het Agentschap Zorg en Gezondheid staat in voor de correcte registratie van de geboorten op basis van de aangeleverde aangifteformulieren/-certificaten voor geboorten (en overlijdens). De gecontroleerde data worden vervolgens overgemaakt aan Statbel volgens gangbare standaarden en procedures.
     
  • Het Studiecentrum voor Perinatale Epidemiologie (SPE), gesubsidieerd door het Agentschap Zorg en Gezondheid, is eveneens een partner in de opmaak van statistieken over de geboorten, inzonderheid wat betreft medische aspecten van de bevallingen en van de gezondheid van moeder en kind. Die perinatale gegevens/activiteiten worden apart geregistreerd door het SPE, in samenwerking met de Vlaamse kraamklinieken en op basis van de registraties van het federaal opgerichte e-Birth (het nieuwe nationale elektronische geboorteaangiftesysteem). Jaarlijks verschijnt daarover een gedetailleerd rapport.
     

 

Referenties

Agentschap Zorg en Gezondheid (AZG): Cijfers - Geboorte en bevalling

e-Birth: elektronisch geboorteaangiftesysteem

Eurostat: database

Kind en Gezin: Cijfers en rapporten

Rijksregister: Rijksregister van de natuurlijke personen

Statbel: Geboorten en vruchtbaarheid

Studiecentrum Perinatale Epidemiologie (SPE): Belangrijkste trends in geboorte en bevalling

 

Contact

 Stel je vraag

                                                                     

Naar de statistiek