Investeringsinspanningen

 

Bron

Vlaamse overheid: Departement Financiën en Begroting (FB), Instituut voor Nationale Rekeningen (INR), Nationale Bank van België (NBB)

Lokale overheden: Agentschap Binnenlands Bestuur (ABB)

 

Definities

Vlaamse overheid

Bij discussies over investeringen op Vlaams niveau werd in het verleden door verschillende actoren een verschillende invulling gegeven aan dit begrip. In overleg met het Vlaams Parlement heeft het Departement Financiën en Begroting een voorstellingswijze uitgewerkt die vertrekt van de indeling die wordt gehanteerd in de overheidsrekeningen volgens het ESR-stelsel. ESR is de Europese standaard voor nationale en regionale rekeningen en is daardoor Europees vergelijkbaar. ESR wordt gebruikt door de lidstaten van de Europese Unie en werd geactualiseerd in 2014 (ESR 2010).

Concept ‘investeringsinspanningen’

Voor de opvolging van de investeringsinspanningen die de Vlaamse overheid doet, worden niet enkel de investeringen in strikte zin opgevolgd, maar ook de subsidies of bijdragen aan anderen, met het oog op investeringen die door hen gebeuren (investeringsbijdragen).

De investeringsinspanningen van de Vlaamse overheid omvatten:

  • investeringen in vaste activa:

    • bruto investeringen in vaste materiële en immateriële activa
    • andere netto-aankopen van niet-financiële activa (vooral gronden)
  • investeringsbijdragen of -subsidies aan derden: kapitaaloverdrachten ter ondersteuning van investeringen door derden (alle instanties buiten de Vlaamse overheid).


De bedragen hebben betrekking op de gerealiseerde transacties, niet op de geraamde cijfers uit de begroting en haar herzieningen.
De gegevens over de investeringen in vast materieel en immaterieel actief zijn altijd een saldo van uitgaven en inkomsten. Voor de investeringsbijdragen of -subsidies gaat het om de uitgaven.
Ten slotte gaat het om bruto bedragen, dat wil zeggen zonder aftrek van afschrijvingen.

 

Lokale besturen

Het gaat over gegevens die overeenkomstig de normen van de beleids- en beheerscyclus (BBC-2012) van de Vlaamse overheid werden opgesteld. Die cyclus werd bij de lokale besturen progressief van 2011 tot 2014 ingevoerd. De data van de boekjaren vóór de invoering van BBC werden geconverteerd naar het BBC-schema. De regelgeving van BBC 2014 werd geëvalueerd en bijgestuurd en resulteerde in BBC 2020. Vanaf 2019 hebben een aantal besturen als piloot BBC 2020 toegepast. In 2019 werden dus zowel jaarrekeningen volgens BBC 2019 als volgens BBC 2020 aan de raden voorgelegd.

Het doel is voor de kernstatistiek ‘investeringsinspanningen’ een maximale vergelijkbaarheid te bekomen tussen de Vlaamse overheid en de lokale besturen. Daarom worden voor de lokale besturen de ‘investeringsinspanningen’ met dezelfde onderdelen voorgesteld:

  • investeringen in vast materieel en immaterieel actief, inclusief gronden, 
  • investeringsbijdragen of -subsidies aan derden.

De cijfers zijn afkomstig van de jaarrekeningen van de lokale overheden. Het betreft hoofdzakelijk vastgestelde jaarrekeningen die door de gemeenteraad en OCMW-raad besproken zijn. Daarnaast zijn er in beperkte mate ook voorlopige, niet-vastgestelde jaarrekeningen. De jaarrekeningen zijn pas definitief na de goedkeuring door de gouverneur en de bevoegde minister.
De bedragen hebben betrekking op de gerealiseerde transacties, niet op de geraamde cijfers uit de begroting en haar herzieningen.

De gegevens over de investeringen in vast materieel en immaterieel actief zijn altijd een saldo van ontvangsten en uitgaven. Voor de investeringsbijdragen of -subsidies gaat het alleen om de uitgaven.
Ten slotte gaat het om bruto bedragen, dit wil zeggen zonder aftrek van afschrijvingen.

 De volgende lokale besturen worden opgenomen in de cijfers:

  • Gemeentebesturen, met inbegrip van de districten van de stad Antwerpen, 
  • Autonome gemeentebedrijven (AGB), 
  • Openbare Centra voor Maatschappelijk Welzijn (OCMW), 
  • OCMW-verenigingen, 
  • Provinciebesturen, 
  • Autonome provinciebedrijven (APB).

De overige lokale besturen, zoals politiezones en hulpverleningszones, zijn niet opgenomen in de cijfers.


Aantal inwoners: voor de berekening van de investeringsinspanningen per inwoner van de Vlaamse gemeenten wordt het aantal inwoners op 1 januari van het betrokken jaar gebruikt als noemer.

Het gaat zowel bij de Vlaamse overheid als bij de lokale besturen telkens om bedragen in lopende prijzen. Dat zijn prijzen van het betrokken jaar, niet gecorrigeerd voor de inflatie.

 

Opmerkingen bij de kwaliteit

Het Departement Financiën en Begroting (FB), het Agentschap Binnenlands Bestuur (ABB), het Instituut voor Nationale Rekeningen (INR) en de Nationale Bank van België (NBB) bieden betrouwbare gegevens over de financiële verrichtingen van de Vlaamse overheden.

Voor de lokale besturen betreft het de cijfers van de besturen die op het moment van opmaak van de statistiek hun jaarrekening al gerapporteerd hebben aan ABB.

 

Referenties

Departement Financiën en Begroting: Website 

Agentschap Binnenlands Bestuur (ABB):  BBC - data en analyses   

Instituut voor Nationale Rekeningen (INR): Website

Nationale Bank van België (NBB): Database overheidsfinanciën

 

Contact

Stel je vraag

 

Naar de statistiek