Aandeel van de bevolking op beroepsleeftijd

  • Aandeel bevolking op beroepsleeftijd daalt tot 64%

    In 2017 lag het aandeel van de bevolking op beroepsleeftijd in de totale bevolking in het Vlaamse Gewest op 64%, tegenover 66% in 1999. Met beroepsleeftijd wordt bedoeld: de leeftijd van 15 tot 64 jaar.

  • Minimaal verschil tussen bevolking op beroepsleeftijd 15-64 jaar en 20-69 jaar

    Het aandeel van de bevolking op beroepsleeftijd wordt traditioneel berekend voor de leeftijdsgroep 15 tot 64 jaar. In de toekomst is het wellicht relevanter om de leeftijdsgroep 20-69 jaar te nemen, omdat meer jongeren van 18-19 jaar nog voltijds zullen studeren en omdat de pensioenleeftijd zal stijgen. 
    In de periode 1999-2012 bedroeg het verschil tussen de twee maatstaven 1 tot 2 procentpunten. Vanaf 2013 zijn de 2 curven nagenoeg gelijk. De komende jaren zal de curve 20-69 jaar wellicht hoger komen te liggen dan de curve 15-64 jaar. 

  • Aandeel bevolking op beroepsleeftijd hoger bij mannen dan bij vrouwen

    Het aandeel van de bevolking op beroepsleeftijd (15-64 jaar) lag bij mannen in de hele periode vanaf 1999 ongeveer 3 procentpunten hoger dan bij vrouwen. Dat komt omdat er iets meer mannen zijn van 15 tot 64 jaar dan vrouwen en tegelijk het aantal mannen in de totale bevolking kleiner is dan het aantal vrouwen. 

  • Sterke stijging van scholingsgraad van bevolking op beroepsleeftijd

    Het aandeel laaggeschoolden in de bevolking op beroepsleeftijd (maximaal diploma lager secundair onderwijs) daalde sterk: van 43% in 1999 tot 24% in 2017. 
    Het aandeel middengeschoolden (diploma hoger secundair onderwijs) steeg van bijna 35% in 1999 tot 40% in 2008. Nadien bleef dat aandeel nagenoeg constant tot in 2017. 
    Het aandeel hooggeschoolden (diploma hoger onderwijs) steeg sterker: van 23% in 1999 tot bijna 37% in 2017. 

  • Aandeel bevolking op beroepsleeftijd in Vlaams Gewest iets lager dan EU-gemiddelde

    In het Vlaamse Gewest lag het aandeel van de bevolking op beroepsleeftijd (64%) in 2017 iets lager dan in het Waalse Gewest (65%) en in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest (67%).

    Het gemiddeld aandeel van de bevolking op beroepsleeftijd (15-64 jaar) in de Europese Unie (EU) lag in 2017 op 65%. De verschillen tussen de EU-landen zijn klein. Slovakije en Luxemburg kenden het hoogste aandeel (70%), Frankrijk en Zweden het laagste (62%).

Bronnen

Statistiek Vlaanderen: Stand van de bevolking
Statbel: Structuur van de bevolking 
Eurostat: Database
Europese Commissie: Database AMECO

Publicatiedatum

20 december 2018

Volgende update

september 2019

Meer cijfers

Contact