Bevolking in subjectieve armoede

  • Ruim 1 op 10 geeft aan moeilijk rond te komen met beschikbaar inkomen

    In 2018 leefde 11% van de bevolking in subjectieve armoede. Dat komt overeen met ongeveer 740.000 personen. Het gaat om personen die leven in een huishouden dat zelf aangeeft moeilijk tot zeer moeilijk rond te komen met het beschikbare inkomen.

    Het aandeel in subjectieve armoede is tussen 2017 en 2018 gedaald en lag daardoor in 2018 weer op een gelijkaardig niveau als in de periode 2006-2008.

  • Subjectieve armoede hoogst bij eenoudergezinnen, werklozen en personen geboren buiten EU

    De subjectieve armoede lag in 2018 iets hoger bij vrouwen dan bij mannen en iets hoger bij kinderen en jongeren tot 18 jaar dan bij de oudere leeftijdsgroepen. Het hoogste aandeel dat aangeeft moeilijk rond te komen is te vinden bij personen in eenoudergezinnen (37%). Ook werklozen (35%), personen geboren buiten de EU (28%), personen met een functiebeperking (24%), niet-actieven zonder gepensioneerden (20%), laaggeschoolden (20%) en personen in eenpersoonshuishoudens (20%) kennen een hogere subjectieve armoede dan gemiddeld.

  • Niet enkel in laagste inkomensgroep aandeel dat moeilijk rondkomt

    Het aandeel personen dat leeft in een huishouden dat aangeeft moeilijk tot zeer moeilijk rond te komen, ligt hoger bij de laagste inkomensgroepen en daalt naarmate het inkomensniveau stijgt. In 2018 lag de subjectieve armoede bij de 20% laagste inkomens (het laagste inkomenskwintiel) op 34%, bij de 20% hoogste inkomens (het hoogste inkomenskwintiel) op 1%. Tegelijk blijkt dat subjectieve armoede niet beperkt blijft tot de 20% personen met het laagste inkomen. In 2018 gaf in het 2de inkomenskwintiel 13% aan moeilijk tot zeer moeilijk rond te komen.

  • Subjectieve armoede in Vlaanderen onder EU-gemiddelde

    Er zijn in Vlaanderen relatief gezien minder personen in een huishouden dat aangeeft (zeer) moeilijk rond te komen dan in de andere Belgische gewesten. In het Waalse Gewest ging het in 2018 om 27% van de bevolking, in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest om 38%.

    Het aandeel personen in subjectieve armoede lag in het Vlaamse Gewest in 2018 lager dan het EU-gemiddelde (20%). In Finland, Duitsland, Zweden, Denemarken en Nederland lag dat percentage lager dan 10%. In Griekenland (74%) lag het aandeel het hoogst, gevolgd door Bulgarije (56%) en Cyprus (46%).

Bronnen

Statbel: EU-SILC-survey
Eurostat: Database

Definities

Functiebeperking: een persoon heeft een functiebeperking als hij of zij zelf aangeeft af en toe of voortdurend hinder te ondervinden in zijn dagelijkse bezigheden door een langdurige ziekte, aandoening of handicap.
Inkomenskwintiel: wanneer de bevolking volgens huishoudinkomen van laag naar hoog wordt gerangschikt, kan zij worden opgedeeld in 5 gelijke groepen of kwintielen. Het laagste kwintiel omvat dan de 20% laagste inkomens, het hoogste kwintiel de 20% hoogste inkomens.

Publicatiedatum

12 september 2019

Volgende update

september 2020

Meer cijfers

Contact

Vorige versies