Geconsolideerde schuld

  • Geconsolideerde schuld Vlaamse overheid afhankelijk van definitie 18 of 23 miljard euro

    In 2017 bedroeg de geconsolideerde schuld van de Vlaamse overheid bijna 18.000 miljoen euro, gemeten volgens de definities van het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR). De berekening van de geconsolideerde schuld volgens het INR-concept wordt gebruikt voor de weergave van de evolutie op langere termijn en voor interregionale en Europese vergelijkingen.
    De INR-schuld daalde van 13.530 miljoen euro in 1996 tot 6.750 miljoen euro in 2007, maar steeg als gevolg van de ESR-2010 regels (die retro-actief werden toegepast) en de zesde staatshervorming tot ruim 14.620 miljoen euro in 2009 en tot bijna 18.000 miljoen euro in 2017. 

    Het departement Financiën en Begroting van de Vlaamse overheid (FB-VO) gebruikt voor het eigen schuldbeheer sedert 2014 een ruimer FB-VO-concept, met een aantal correcties ten aanzien van het INR-concept. Volgens dat ruimere concept bedroeg de bijdrage tot de geconsolideerde bruto schuld van de Vlaamse overheid in 2017 bijna 23.400 miljoen euro.
    De schuld nam in 2016 sterk toe omdat de schuld met betrekking tot de financiering van de ziekenhuisinfrastructuur (bijna 5.000 miljoen euro) vanaf 2016 overkwam van de federale overheid naar de deelentiteiten als gevolg van de zesde staatshervorming.

  • Bijdrage Vlaamse overheden aan totale Belgische schuld vrij stabiel

    In 2017 bedroeg de bijdrage tot de geconsolideerde bruto schuld (volgens het INR-concept) van de Vlaamse overheden bijna 18.000 miljoen euro. De schuld van de Waalse overheden lag op ruim 29.000 miljoen euro, die van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest op 4.120 miljoen euro en die van de overige regionale en interregionale overheidsinstanties op 6.000 miljoen euro. 

    Na de sterke stijging in 2009 bleef de bijdrage van de Vlaamse overheden stabiel sedert 2011. De bijdrage van de Waalse overheden daarentegen steeg de voorbije jaren vrij sterk. In 2016 nam de bijdrage van de interregionale overheidsinstanties zeer sterk toe als gevolg van de schuld van de ziekenhuisinfrastructuur. Omdat de verdeling van deze schuld over de verschillende deelentiteiten nog niet gekend is, rapporteert het INR deze bij de interregionale eenheden.

  • Schuld Vlaamse gemeentebesturen gedaald tot 6.850 miljoen euro

    In 2017 hadden de Vlaamse gemeentebesturen een geconsolideerde schuld van ongeveer 6.850 miljoen euro. De schuld bedroeg in 2003 bijna 7.685 miljoen euro en bleef vrij stabiel tot in 2007. In 2008 volgde een daling tot bijna 7.100 miljoen euro, maar daarna steeg de schuld tot 8.020 miljoen euro in 2013. Vanaf 2014 daalde de schuld opnieuw tot in 2017.

  • Grote verschillen tussen de andere lokale besturen

    Er zijn grote verschillen in de omvang en evolutie van de schuld tussen de andere lokale besturen. 
    De schuld van de Openbare Centra voor Maatschappelijk Welzijn (OCMW) was in 2017 met ruim 2.060 miljoen euro veruit het grootst. Tussen 2014 en 2017 daalde hun schuld met 194 miljoen euro. 
    De autonome gemeentebedrijven (AGB) hadden in 2017 een schuld van bijna 1.155 miljoen euro. Hun schuld steeg met 426 miljoen euro vanaf 2014. Sommige AGB’s leverden nog geen rekening voor 2017 aan ABB. Het uiteindelijke bedrag voor 2017 en de stijging ten opzichte van 2014 zal naar verwachting ongeveer 60 miljoen hoger liggen.
    De OCMW-verenigingen hadden een schuld van 332 miljoen euro in 2017, tegenover 44 miljoen euro in 2014. Hier speelt de impact van de gefaseerde instap in de beleids- en beheercyclus (BBC), waardoor sommige OCMW-verenigingen pas vanaf 2015 cijfers rapporteerden. Ook de toename van het aantal verenigingen in de afgelopen jaren speelt een rol.
    De schuld van de provinciebesturen daalde van bijna 600 miljoen euro in 2014 tot bijna 440 miljoen euro in 2017. 
    De autonome provinciebedrijven (APB) hadden in 2017 een schuld van 16 miljoen euro.

  • Schuld hoger dan 2.000 euro per inwoner in 13 gemeenten

    De geconsolideerde schuld van de gemeentebesturen per inwoner varieert sterk tussen de gemeenten onderling. 
    In 74 gemeenten (waaronder Turnhout) lag de schuld lager dan 500 euro per inwoner. De gemeenten As, Baarle-Hertog, Dentergem, Drogenbos
    Hamont-Achel, Herstappe, Horebeke, Kasterlee en Ravels hadden geen financiële schulden. 
    In de gemeenten Wommelgem, Lochristi, Vorselaar, Hemiksem, Maarkedal en Ninove lag de schuld tussen 20 en 100 euro per inwoner.
    In 104 gemeenten (waaronder Aalst en Brugge) lag de schuld tussen 500 en 1.000 euro per inwoner, in 85 gemeenten (waaronder Antwerpen, Leuven, Oostende en Sint-Niklaas) tussen 1.000 en 1.500 euro en in 31 gemeenten (waaronder Genk, Hasselt en Roeselare) tussen 1.500 en 2.000 euro. 
    De schuld bedroeg 2.000 euro of meer per inwoner in 13 gemeenten (in oplopende volgorde): Sint-Truiden (2.001 euro), Kortrijk, Middelkerke, Bornem, Gent, Zottegem, Wielsbeke, Londerzeel, Nieuwpoort, Tervuren, Beveren, Mechelen en Koksijde (4.028 euro). 

Bronnen

Vlaamse overheid: 

Lokale overheden:

  • Agentschap Binnenlands Bestuur (ABB): BBC

Definities

Geconsolideerde schuld: de som van de financiële schulden (en in uitzonderlijke gevallen ook de overige schulden) van alle entiteiten die tot de consolidatiekring van de Vlaamse overheid behoren. De consolidatiekring geeft aan welke groep van instellingen men meeneemt in de berekening van de geconsolideerde begroting, schuld en jaarrekening. Er worden 2 concepten voor geconsolideerde schuld gehanteerd: het concept-INR en het concept-FB-VO. 

Concept-INR: concept van het Instituut voor Nationale Rekeningen (INR) (Vlaamse Gemeenschap – Bijdrage tot de geconsolideerde bruto schuld ‘Maastricht’) dat wordt gebruikt voor de weergave van de evolutie tijdens de periode 2004-2017 en voor interregionale en Europese vergelijkingen. 

Concept-FB-VO: ruimer concept van het departement Financiën en Begroting van de Vlaamse Overheid (FB-VO), waarbij enkele correcties worden uitgevoerd op de INR-schuld. De belangrijkste correctie is de opname van de schuld met betrekking tot de financiering van de ziekenhuisinfrastructuur die sedert 2016 ten laste is van de Vlaamse begroting en die het INR rapporteert bij de interregionale eenheden omdat de verdeling ervan over de verschillende gemeenschappen en gewesten nog niet vast staat. Het departement FB wil echter de Vlaamse schuld niet onderschatten en rapporteert daarom een voorlopig cijfer volgens eigen berekeningen.

Publicatiedatum

20 december 2018

Volgende update

21 november 2019

Meer cijfers

Contact

Vorige versies