Inkomen (volgens de nationale rekeningen)

  • Beschikbaar inkomen per inwoner op 20.100 euro

    Het beschikbaar inkomen per inwoner bedroeg in 2015 in het Vlaamse Gewest afgerond 20.100 euro. In 1995 ging het om 19.200 euro. Het gaat om inkomens in reële termen, wat wil zeggen dat de bedragen gecorrigeerd werden voor de inflatie.
    Tussen 1995 en 2015 steeg het beschikbaar inkomen per inwoner in Vlaanderen met 4,6%. Maar die toename is niet gelijkmatig over de hele periode. Zo daalde het reële beschikbaar inkomen in het Vlaamse Gewest na 2009.

  • Lonen belangrijkste component van beschikbaar inkomen

    De lonen vormen veruit de belangrijkste component van het beschikbaar inkomen. Het aandeel ervan is met de jaren nog gegroeid: van 86% in 1995 naar 101% in 2015.
    Daartegenover staat een afnemend belang van het netto inkomen uit vermogen (van 23% in 1995 naar 14% in 2015). Ook het exploitatieoverschot werd relatief minder belangrijk.
    De impact van belastingen op het beschikbaar inkomen nam tussen 1995 en 2015 toe van -22% tot -26%.

  • Beschikbaar inkomen hoogst in Vlaams-Brabant

    Het beschikbaar inkomen per inwoner ligt het hoogst in de Vlaams-Brabantse arrondissementen, met Leuven op kop (22.000 euro), op de voet gevolgd door Halle-Vilvoorde (21.800 euro). Ook arrondissementen in de buurt van Brussel-Hoofdstad scoren relatief hoog, wat samenhangt met de pendel van en naar de hoofdstad.
    Het beschikbaar inkomen per inwoner ligt het laagst in de Limburgse arrondissementen, maar ook in Antwerpen en in de West-Vlaamse arrondissementen Diksmuide, Ieper en Oostende.

  • Beschikbaar inkomen in Vlaanderen hoger dan gemiddeld in EU

    Het beschikbaar inkomen per inwoner in het Vlaamse Gewest komt op afgerond 20.100 euro  in 2015. In geheel België is dat 18.800 euro. Het beschikbaar inkomen ligt lager in het Waalse (17.100 euro) en in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest (16.900 euro). 
    Het beschikbaar inkomen per inwoner was doorheen de tijd steeds hoger in het Vlaamse Gewest dan in beide andere gewesten. Op 20 jaar tijd was er nauwelijks een reële toename in het Waalse Gewest (+0,3%), terwijl het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest een reële achteruitgang kende met 9,7%. Het gevolg is dat het beschikbaar inkomen per inwoner in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest tussen 1995 en 2015 onder dit van het Waalse Gewest is komen te liggen.
    In vergelijking met de landen van de Europese Unie (EU) ligt het beschikbaar inkomen per inwoner in het Vlaamse Gewest relatief hoog. In het Vlaamse Gewest ging het in 2014 om 18.600 euro, uitgedrukt in koopkrachtstandaard (KKS). Enkel in Luxemburg (25.200 euro KKS), Oostenrijk (21.200 euro KKS) en Duitsland (20.800 euro KKS) is het beschikbaar inkomen per inwoner hoger. België zit met 17.500 euro KKS ook in de beter scorende helft van EU-landen.
    De Oost-Europese lidstaten hebben het laagste inkomen, met als hekkensluiter Bulgarije (7.200 euro KKS). Daarmee ligt het beschikbaar inkomen per hoofd in het rijkste land (Luxemburg) 3,5 keer hoger dan in het armste land (Bulgarije). Maar dat verschil neemt af: in 2008 was het nog 4,3 keer hoger.

Bronnen

Instituut voor de Nationale Rekeningen: Regionale rekeningen van de huishoudens
Eurostat: Income of households

Definities

Beschikbaar inkomen: som van de lonen, het exploitatie-overschot, het gemengd inkomen, netto inkomen uit vermogen, netto sociale uitkeringen en netto overige inkomensoverdrachten, min belastingen. 
Lonen: vergoedingen voor arbeid en toelagen, voordelen in natura en premies die de werkgevers in het kader van de sociale zekerheid betalen.
Exploitatieoverschot: de inkomsten uit verhuur en toegerekende huur. Dit laatste is het fictief huurinkomen van eigenaars van de woning die ze zelf bewonen en van niet-verhuurde tweede verblijven.
Gemengd inkomen: inkomen van zelfstandigen en winsten van ondernemers.
Netto-inkomen uit vermogen: ontvangen min betaalde rentes, winstuitkeringen…
Netto sociale uitkeringen: uitkeringen van min bijdragen aan de sociale zekerheid.
Netto overige inkomensoverdrachten: uitkeringen in verband met schade, prijzengelden, stakingsgelden,… min schadeverzekeringspremies, boetes…
Koopkrachtstandaard: door een monetaire grootheid in euro koopkrachtstandaard (KKS) uit te drukken is een correcte internationale vergelijking mogelijk. Zo worden de bedragen gecorrigeerd voor de bestaande prijsverschillen voor dezelfde goederen en diensten tussen landen.

Publicatiedatum

20 december 2018

Volgende update

september 2019

Meer cijfers

Contact