Levenslang leren (opleidingsdeelname)

  • Bijna 1 op 10 Vlamingen van 25 tot 64 jaar volgt opleiding

    In 2018 nam 8,7% van de Vlamingen van 25 tot 64 jaar deel aan een opleiding (in of buiten het reguliere onderwijs) tijdens de 4 weken voor de bevraging (de referentiemaand). In de periode 2006-2018 schommelde de opleidingsdeelname telkens tussen 7% en 9%.

    Wanneer gevraagd wordt naar wie een opleiding volgde in de afgelopen 12 maanden in plaats van de afgelopen 4 weken, stijgt de opleidingsdeelname tot 22,4% in 2018. Dat aandeel ligt iets hoger dan in 2006.

  • Hooggeschoolden en werklozen nemen vaker deel aan opleiding

    Er is weinig verschil tussen de participatie van mannen en vrouwen aan een opleiding tijdens de referentiemaand.

    Naar opleiding is er wel een duidelijk verschil: hooggeschoolden (13,8%) nemen veel vaker dan laaggeschoolden (2,8%) deel aan een opleiding.

    Ook naar socio-economische positie zijn er verschillen in opleidingsdeelname. Werklozen (15,3%) nemen het vaakst deel, meer dan werkenden (8,9%). De groep niet-actieven (personen die niet werken en die ook niet op zoek zijn naar een job) volgen het minst vaak een opleiding (6,9%).

  • Vlaamse opleidingsdeelname onder EU-gemiddelde

    In het Vlaamse Gewest (8,7%) namen in 2018 meer 25-64-jarigen deel aan een opleiding dan in het Waalse Gewest (7,2%), maar minder dan in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest (11,7%).

    In de landen van de Europese Unie (EU) volgden gemiddeld 11,1% van de inwoners een opleiding. Dat aandeel ligt hoger dan in het Vlaamse Gewest. Tussen de EU-landen zijn er grote verschillen. Zo neemt in Zweden en Finland bijna 1 op de 3 deel aan een opleiding. In Roemenië gaat dit om minder dan 1%.

Bronnen

Steunpunt Werk in samenwerking met het Departement WSE en de VDAB: Vlaanderen binnen Europa
Steunpunt Werk: Opleidingsparticipatie
Eurostat: Database

Publicatiedatum

3 juni 2019

Volgende update

juni 2020

Meer cijfers

Contact