Aanvoer en aanvoerwaarde vissersvloot

  • Aanvoer verse vis door Vlaamse zeevisserij in 2020 op laagste peil sinds 2000

    In 2020 werd door de commerciële Vlaamse zeevisserij 18.306 ton verse vis aangevoerd. De aanvoer in eigen havens lag op 12.796 ton en in vreemde havens op 5.510 ton. De totale aanvoer daalde met 5% tegenover 2019 en lag in 2020 op het laagste peil sinds 2000.

    De daling van de aanvoer is al een aantal jaar aan de gang en werd in 2020 nog versterkt door de stilligvergoeding die voor de visserijsector uitgewerkt werd in het kader van de COVID-19-crisis. De aanvoer in Zeebrugge daalde tussen 2019 en 2020 met 15%. Nieuwpoort kende voor het eerst in enkele jaren een daling (-16%). In Oostende was er sprake van een stijging met 6%. In Zeebrugge werd in 2020 6.764 ton aangevoerd, in Oostende 5.697 ton en in Nieuwpoort 335 ton.

    De belangrijkste buitenlandse havens voor de Vlaamse zeevisserij zijn de Nederlandse havens. Die zijn echter nog slechts goed voor ongeveer de helft van de totale aanvoer in buitenlandse havens (51%), wat in scherp contrast staat de voorgaande jaren toen bijna 95% van de aanvoer in vreemde havens in Nederland werd aangevoerd. In 2020 stond Denemarken in voor 33% van de aanvoer in buitenlandse havens. Dat is een rechtstreeks gevolg van het afdwingen van de weegplicht na aanlanding door Denemarken. Het aandeel aangevoerde vis in Frankrijk steeg eveneens. Frankrijk was in 2020 goed voor 11% van de totale aanvoer in buitenlandse havens.

  • Schol en tong goed voor een derde van aanvoer

    De Vlaamse visserij is een gemengde visserij en bevist dus meerdere visbestanden tegelijk. De vloot is duidelijk gespecialiseerd in platvis. Schol en tong namen in 2020 respectievelijk 20% en 15% van het aangevoerde visvolume voor hun rekening. Dit ondanks de  dalende tendens in de aanvoer van schol in vergelijking met 2019 (-32%). De aanvoer van tong steeg wel tegenover 2019 (+16%). De aanvoer van roggen kende een stijging met 12% en kwam daarmee op plaats 3 van belangrijkste vissoorten, de aanvoer van inktvissen daalde met 9% en kwam op plaats 4. De aanvoer van garnaal is opnieuw sterk gedaald en viel daardoor uit de top 10. Door een sterke stijging van de aanvoer kwamen scharretong, zeeduivel en wulk in de top 10. Ze namen de plaats in van garnaal, langoustines en haaien.

  • Aanvoerwaarde 8% lager dan in 2019

    De Vlaamse visserij was in 2020 goed voor een totale aanvoerwaarde van 74,3 miljoen euro. Dat is een daling met 8% tegenover 2019. De aanvoerwaarde in Belgische havens is gedaald tot 56,4 miljoen euro. Dat is een daling van 5%. In buitenlandse havens is de aanvoerwaarde in 2020 gedaald tot 17,9 miljoen euro (-17%). De buitenlandse havens waren goed voor 24% van de totale aanvoerwaarde van de vloot. De Nederlandse havens namen 58% van de aanvoerwaarde in het buitenland voor hun rekening. Daarna volgden Denemarken (30%), Frankrijk (6,5%) en Spanje (5%).

  • Tong vertegenwoordigt 42% van aanvoerwaarde

    Schol is in volume de belangrijkste soort voor de Belgische visserij, maar tong is de belangrijkste soort op vlak van waardecreatie (42%). Het aandeel van tong in de aanvoerwaarde is in 2020 opnieuw sterk gestegen maar blijft nog iets lager dan de piek in 2011. In dat jaar vertegenwoordigde tong 47% van de totale aanvoerwaarde . Het belang van schol is gedaald (-40% tegenover 2019) en bedroeg in 2020 nog 11% van de totale aanvoerwaarde. In 2020 vervolledigden inktvissen, zeeduivel, tarbot, roggen, langoustines, garnaal, tongschar en kabeljauw de top 10.

Bronnen

Departement Landbouw en Visserij: Zeevisserij

Publicatiedatum

4 mei 2021

Volgende update

mei 2022

Meer cijfers

Contact

Vorige versies