Bevolking naar onderwijsniveau (scholingsgraad)

  • Ruim 8 op 10 Vlamingen van 25 tot 64 jaar zijn midden- of hooggeschoold

    In 2020 was 17,7% van de Vlamingen van 25 tot 64 jaar laaggeschoold, 39,6% middengeschoold en 42,7% hooggeschoold. Laaggeschoolden zijn personen zonder een einddiploma van het secundair onderwijs. Middengeschoolden hebben het secundair onderwijs of het postsecundair niet-hoger onderwijs met succes afgewerkt. Hooggeschoolden beschikken over een diploma hoger onderwijs.

    Het aandeel laaggeschoolden daalde tussen 1999 en 2020 van 42,3% naar 17,7%. Een omgekeerde trend is er bij de middengeschoolden en de hooggeschoolden: in vergelijking met 1999 zijn de aandelen midden- en hooggeschoolden duidelijk gestegen.

  • Vrouwen hoger geschoold dan mannen

    Vrouwen zijn hoger opgeleid dan mannen. In 2020 was 47,2% van de vrouwen hooggeschoold tegenover 38,2% van de mannen. Daartegenover staat dat 19,1% van de mannen laaggeschoold is, bij de vrouwen is dat 16,3%.

  • Bijna helft van 25- tot 44-jarigen hooggeschoold

    Zowel bij de 25- tot 34-jarigen als bij de 35- tot 44-jarigen was in 2020 ongeveer de helft hooggeschoold. Bij de 45- tot 54-jarigen zijn er dat 4 op de 10 en bij de 55- tot 64-jarigen 3 op de 10. In deze laatste leeftijdsgroep zijn ook 3 op de 10 laaggeschoold. Bij de jongere leeftijdsgroepen zijn er dat duidelijk minder.

  • Werkenden vaker hooggeschoold, niet-beroepsactieven vaker laaggeschoold

    48,4% van de werkende Vlamingen tussen 25 en 64 jaar was in 2020 hooggeschoold. Bij de personen die werkloos zijn, was 39,4% hooggeschoold. Bij de niet-beroepsactieven (mensen die niet werken en die ook niet actief op zoek zijn naar een job) was dat 20,8%.

    Omgekeerd was bij de werkenden 12,2% laaggeschoold. Bij de werklozen was dat 20,7% en bij de niet-beroepsactieven 38,7%.

  • Personen geboren buiten EU28 vaker laaggeschoold

    In 2020 was bijna 45% van de personen geboren in België hooggeschoold. Bij personen geboren in een ander land van de Europese Unie (EU28) waren dat er minder (37,5%). Bij personen geboren buiten de EU28 was dat 27,7%.

    Omgekeerd lag het aandeel laaggeschoolden bij personen geboren buiten de EU28 (38,0%) duidelijk hoger dan bij personen geboren in België (15,1%) of in een ander EU28-land (22,8%).

  • Meer hooggeschoolden in Vlaams Gewest dan gemiddeld in Europese Unie

    Het aandeel hooggeschoolden in het Vlaamse Gewest (42,7%) lag in 2020 tussen dat van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest (49,3%) en het Waalse Gewest (39,6%) in.

    In de Europese Unie (EU27) was in 2020 gemiddeld 1 op de 3 inwoners hooggeschoold (32,5%). In het Vlaamse Gewest lag dat aandeel hoger. Er zijn op dit vlak grote verschillen tussen de EU-landen. In Ierland is nagenoeg de helft van de bevolking hooggeschoold. In Tsjechië, Spanje, Roemenië, Slovenië en Slovakije ligt dat aandeel lager dan 20,0%.

Bronnen

Publicatiedatum

27 april 2021

Volgende update

april 2022

Meer cijfers

Contact

Vorige versies