Bevolking naar onderwijsniveau (scholingsgraad)

  • Ruim 8 op 10 Vlamingen van 25 tot 64 jaar midden- of hooggeschoold

    In 2019 was 18,4% van de Vlamingen van 25 tot 64 jaar laaggeschoold, 40,6% middengeschoold en 41,0% hooggeschoold. Laaggeschoolden zijn personen zonder een einddiploma van het secundair onderwijs. Middengeschoolden hebben het secundair onderwijs of het postsecundair niet-hoger onderwijs met succes afgewerkt. Hooggeschoolden beschikken over een diploma hoger onderwijs.

    Het aandeel laaggeschoolden daalde tussen 1999 en 2019 van 42,3% naar 18,4%. Een omgekeerde trend is er bij de middengeschoolden en de hooggeschoolden: in vergelijking met 1999 zijn de aandelen midden- en hooggeschoolden duidelijk gestegen.

  • Vrouwen hoger geschoold dan mannen

    Vrouwen zijn hoger opgeleid dan mannen. In 2019 was 45,5% van de vrouwen hooggeschoold tegenover 36,6% van de mannen. Daartegenover staat dat 20,0% van de mannen laaggeschoold is, bij de vrouwen is dat 16,8%.

  • Bijna helft van 25- tot 44-jarigen hooggeschoold

    Zowel bij de 25- tot 34-jarigen als bij de 35- tot 44-jarigen was in 2019 bijna de helft hooggeschoold. Bij de 55- tot 64-jarigen zijn dat er 3 op de 10. In deze leeftijdsgroep zijn ook 3 op de 10 laaggeschoold. Bij de jongere leeftijdsgroepen zijn dat er duidelijk minder.

  • Werkenden vaker hooggeschoold, niet-beroepsactieven vaker laaggeschoold

    46,6% van de werkende Vlamingen tussen 25 en 64 jaar was in 2019 hooggeschoold. Bij de personen die werkloos zijn, was 32,0% hooggeschoold. Bij de niet-beroepsactieven (mensen die niet werken en die ook niet actief op zoek zijn naar een job) was dat 20,1%.

    Omgekeerd was bij de werkenden 12,8% laaggeschoold. Bij de werklozen was dat 24,2% en bij de niet-beroepsactieven 39,6%.

  • Personen geboren buiten EU vaker laaggeschoold

    In 2019 waren ruim 4 op de 10 personen geboren in België hooggeschoold (42,9%). Bij personen geboren in een ander land van de Europese Unie (EU) waren dat er iets minder (37,7%). Bij personen geboren buiten de EU was dat 26,0%.

    Omgekeerd ligt het aandeel laaggeschoolden bij personen geboren buiten de EU (39,3%) duidelijk hoger dan bij personen geboren in België (15,9%) of in een ander EU-land (21,8%).

  • Meer hooggeschoolden in Vlaanderen dan gemiddeld in Europese Unie

    Het aandeel hooggeschoolden in het Vlaamse Gewest (41,0%) lag in 2019 tussen dat van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest (47,1%) en het Waalse Gewest (37,7%) in.

    In de Europese Unie (EU28) was in 2019 gemiddeld 1 op de 3 inwoners hooggeschoold. In het Vlaamse Gewest lag dit aandeel hoger. Er bestaan op dit vlak grote verschillen tussen de EU-landen. In Ierland is 47,3% van de bevolking hooggeschoold, in Roemenië en Italië ligt dit aandeel lager dan 20,0%.

Bronnen

Publicatiedatum

12 mei 2020

Volgende update

mei 2021

Meer cijfers

Contact

Vorige versies