Bruto toegevoegde waarde

  • Bruto toegevoegde waarde steeg bijna onafgebroken tussen 2003 en 2018

    De bruto toegevoegde waarde van het Vlaamse Gewest kwam in 2018 op 241 miljard euro.

    Op 2009 na nam de bruto toegevoegde waarde vanaf 2003 elk jaar toe (in lopende prijzen). Tussen 2004 en 2008 was de stijging het sterkst. Dat waren dan ook jaren van goede economische conjunctuur. In 2009 greep de financieel-economische crisis om zich heen. De bruto toegevoegde waarde kende dat jaar een terugloop met 1,5% in lopende prijzen. Maar in 2010 en 2011 was er sprake van een herstel. De groeicijfers in de jaren daarna waren opnieuw zwakker, door de schulden- en eurocrisis tussen 2011 en 2014. Vanaf 2015 was er weer een sterkere stijging.

  • Handel belangrijkste bedrijfstak in bruto toegevoegde waarde

    De belangrijkste bedrijfstak in de totale bruto toegevoegde waarde is de handel (32 miljard euro of 14% van de totale bruto toegevoegde waarde in 2018). In de top 5 zitten verder vooral dienstensectoren en de bouwnijverheid. Samen waren ze goed voor 45% van de totale Vlaamse bruto toegevoegde waarde in 2018. In 2003 was dit nog 42%.

    Tussen 2003 en 2018 werd de bruto toegevoegde waarde in lopende prijzen meer dan dubbel zo groot in het wetenschappelijk onderzoek, de informatie- en informaticadiensten, de telecommunicatie, de bedrijfstak van de hoofdkantoren, adviesbureaus en technische analyses en ook in de waterdistributie en afvalbeheer.

    De meeste bedrijfstakken kenden een positieve ontwikkeling van de bruto toegevoegde waarde tussen 2003 en 2018. Belangrijke uitzonderingen waren de productie van informatica-, elektronische en optische producten, de transportmiddelen, textiel en confectie, elektrische apparatuur en delfstofwinning, waar het aandeel met een derde tot een vierde terugliep tussen 2003 en 2018.

Bronnen

Instituut voor de Nationale Rekeningen: Regionale rekeningen

Definities

Bruto toegevoegde waarde: het verschil tussen de marktwaarde van de goederen en diensten die in 1 jaar zijn geproduceerd en de marktwaarde van de in het productieproces verbruikte intermediaire goederen en diensten.
Lopende of nominale prijzen: prijzen van het betrokken jaar, niet gecorrigeerd voor de inflatie. 

Publicatiedatum

31 maart 2020

Volgende update

maart 2021

Meer cijfers

Contact

Vorige versies