Interne migratie

  • Globaal meer interne immigraties dan interne emigraties

    In de loop van 2019 werden er afgerond 313.000 interne of binnenlandse immigraties geteld in het Vlaamse Gewest. Het gaat om verhuisbewegingen vanuit eender welke Belgische (dus ook Vlaamse) gemeente naar een (andere) gemeente in het Vlaamse Gewest.

    Daartegenover staan ongeveer 301.000 interne emigraties. Ook dit zijn verhuisbewegingen binnen België, maar dan vanuit een gemeente in het Vlaamse Gewest naar eender welke andere Belgische (dus ook Vlaamse) gemeente.

    Beide verhuisbewegingen resulteren globaal voor het Vlaamse Gewest in 2019 in een positief saldo voor de interne migraties van bijna 12.000 eenheden. Dit positieve saldo draagt bij aan de bevolkingsgroei.

    Zowel het aantal interne immigraties (naar een gemeente in het Vlaamse Gewest) als het aantal interne emigraties (vanuit een gemeente in het Vlaamse Gewest) zijn met de jaren toegenomen. Tussen 2000 en 2019 gaat het om een toename van 48% voor de interne immigratie en van 44% voor de interne emigratie. Die toename is veel groter dan de bevolkingstoename in die periode (+12%). Dat wijst op een toegenomen verhuisintensiteit in de bevolking.

  • Meer inwijking vanuit Brussels Gewest dan vanuit Waals Gewest

    De uitsplitsing van de migratiestromen tussen de Belgische gewesten toont voor 2019 een omvangrijke instroom vanuit het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest naar het Vlaamse Gewest (25.730 immigraties). Daartegenover vertrekken half zoveel mensen in de omgekeerde richting (13.972 emigraties). Dit geeft voor het Vlaamse Gewest een positief saldo (+11.758 eenheden).

    Daarnaast is er sprake van een meer beperkte instroom vanuit het Waalse Gewest naar het Vlaamse Gewest (8.790 immigraties in 2019). Het aantal bewegingen in omgekeerde richting ligt iets lager (8.709 emigraties). Ook hier geeft dat een positief saldo voor het Vlaamse Gewest, zij het zeer beperkt (+82 eenheden).

    De netto positieve inwijking vanuit het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest vertoont na de daling in de jaren 1990 een opmerkelijke stijging tussen 2000 en 2006, en opnieuw tussen 2013 en 2019.

    De netto positieve inwijking vanuit het Waalse Gewest is een nieuw gegeven vanaf 2016. In alle observatiejaren daarvoor was het saldo telkens negatief, zij het met een klim vanaf 2013. De geslonken (alsnog positieve) balanswaarde voor de jaren 2018 en 2019 laat echter vermoeden dat het hier een eerder tijdelijke evolutie betreft.

  • Buitenlanders goed voor ongeveer 1 op 3 migraties van en naar andere gewesten

    In de migratie van en naar het Brusselse Gewest in de meest recente jaren (2017-2019) hadden 2 op de 3 migranten de Belgische nationaliteit. Dat is ook zo in de migratie van het Waalse naar het Vlaamse Gewest. Uitzondering is de migratie van het Vlaamse naar het Waalse Gewest, waarbij zowat 8 op de 10 uitwijkt Belg zijn (79%).

    In die interregionale migraties zijn in de regel buitenlanders van een ander EU-land (zonder België) iets sterker vertegenwoordigd dan buitenlanders van Niet-EU-landen. Uitzondering hier is de migratie van het Waalse naar het Vlaamse Gewest, met opvallend meer niet-EU dan EU-burgers.

  • Overwegend positieve saldi voor interne migratie in Vlaamse gemeenten

    4 op de 5 gemeenten van het Vlaamse Gewest laten in de periode 2017-2019 een positief saldo voor de interne migratie optekenen. Dat betekent dat er meer interne immigraties zijn dan emigraties. 

    Hoge positieve saldi in verhouding tot de bevolking (+10 of meer per 1.000 inwoners) zijn er in enkele kustgemeenten (De Panne, Nieuwpoort, Middelkerke, Bredene, De Haan), in sommige gemeenten aan de grens met Nederland (Wachtebeke, Moerbeke, Stekene ), in gemeenten ten zuiden van Antwerpen (Boechout, Lier, Putte) en in de Vlaamse rand rond Brussel (Tervuren, Overijse, Meise), naast nog enkele andere gemeenten. Naar deze gemeenten verhuizen dus veel meer inwoners dan dat er uit wegtrekken. 

    Hoge negatieve saldi (-5 per 1.000 inwoners of nog meer negatief) treffen we aan in de centrumsteden Antwerpen, Gent en Leuven, alsook in een aantal gemeenten verspreid over Vlaanderen (Alveringem, Zuienkerke, Langemark-Poelkapelle, Meulebeke, Spiere-Helkijn, Hoogstraten, Merksplas, Hamont-Achel, Houthalen-Helchteren). Uit deze gemeenten trekken duidelijk meer inwoners weg dan dat er nieuwe naar verhuizen.

  • Aalst per saldo meest aantrekkelijke centrumstad

    Aalst, Hasselt en Sint-Niklaas zijn aantrekkelijke centrumsteden als we kijken naar het positieve saldo van de binnenlandse verhuisbewegingen in recente jaren (2017-2019). Grote steden als Gent, Leuven en Antwerpen daartegen zagen duidelijk meer inwoners vertrekken (naar elders in België) dan toekomen (van elders in België).

    In Leuven, Turnhout en Oostende waren er in de jaren 2017-2019 zowel veel binnenlandse aankomsten als vertrekken in verhouding tot de bevolking. Samengenomen levert dat een hoge interne migratie-intensiteit: de som van de totale interne immigraties en emigraties per 1.000 inwoners. Vooral Leuven spant hier de kroon (115 eenheden per 1.000 inwoners/jaar).

  • Aalst, Turnhout en Sint-Niklaas sterke groeiers door migratie

    In alle centrumsteden is het totaal migratiesaldo voor recente jaren (2017-2019) positief. Het gaat om de som van het intern migratiesaldo en het internationaal migratiesaldo. Er zijn dus in elk van die steden in totaal meer immigraties dan emigraties. Vooral het (in alle centrumsteden) positieve internationale migratiesaldo draagt daartoe bij.

    Aalst, Turnhout en Sint-Niklaas kennen in dit opzicht de hoogste waarden van centrumsteden. Gent, Antwerpen en Mechelen de laagste.

    Opvallend is dat Antwerpen en Leuven, gevolgd door Gent en Mechelen, een relatief hoog negatief saldo voor de interne migratie combineren met een relatief hoog positief saldo voor de internationale migratie. Dat is ook aan de orde in het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest (respectievelijk gemiddeld -12,4 en +13,0 per 1.000 inwoners per jaar in 2017-2019).

Bronnen

Statistiek Vlaanderen: Loop van de bevolking
Statbel: Bevolking

Definities

Centrumsteden: in het kader van haar stedenbeleid duidde de Vlaamse overheid 13 'centrumsteden' aan. Het gaat om Aalst, Antwerpen, Brugge, Genk, Gent, Hasselt, Kortrijk, Leuven, Mechelen, Oostende, Roeselare, Sint-Niklaas en Turnhout (zie ook metadata Bevolking).

Intern migratiesaldo: de balans van de interne (binnenlandse/binnen België) immigraties en emigraties, hetzij positief (netto inwijking, inwijkingsoverschot) hetzij negatief (netto uitwijking, inwijkingstekort), vaak uitgedrukt per 1.000 inwoners.

Interne migratie-intensiteit: de som van de interne (binnenlandse/binnen België) immigraties en emigraties, uitgedrukt per 1.000 inwoners.

Gemiddelde bevolking: rekenkundig gemiddelde van de bevolking zoals opgemeten aan het begin en het einde van het kalenderjaar.

Internationaal migratiesaldo: balans van de internationale (buitenlandse/buiten België) immigraties en emigraties, hetzij positief (netto inwijking, inwijkingsoverschot) hetzij negatief (netto uitwijking, inwijkingstekort), vaak uitgedrukt per 1.000 inwoners (gemiddelde bevolking).

Totaal migratiesaldo: de som van het intern migratiesaldo en het internationaal migratiesaldo. Het duidt aan of de bevolking wel (positief saldo) of niet (negatief saldo) aangroeit als gevolg van de balans van alle in- en uitwijkingen.

 

Publicatiedatum

14 juli 2020

Volgende update

juli 2021

Meer cijfers

Contact

Vorige versies