Vertrouwen in de overheid

  • 1 op 5 Vlamingen heeft veel vertrouwen in de overheid, 1 op 4 weinig

    In 2017 gaf 1 op de 5 Vlamingen van 18 tot 85 jaar aan in het algemeen veel vertrouwen te hebben in de overheid. De groep met weinig vertrouwen in de overheid is groter (28%). De helft van de bevolking spreekt zich op dit vlak niet positief of negatief uit.

    Het aandeel van de bevolking met veel vertrouwen schommelde tussen 2004 en 2008 en tussen 2013 en 2017 telkens rond de 20% en nam af in de periode van 2009 tot 2012. Het aandeel met weinig vertrouwen lag het laagst in 2007 en 2013 en het hoogst in de periode van 2009 tot 2011.

  • Hooggeschoolden hebben meer vertrouwen in de overheid

    Mannen hebben meer vertrouwen in de overheid in het algemeen dan vrouwen. Naar leeftijd valt op dat de groep met weinig vertrouwen duidelijk toeneemt bij de oudere leeftijdsgroepen. Daarmee samenhangend zijn de alleenstaanden de huishoudgroep met het minste vertrouwen in de overheid.

    De grootste verschillen zijn echter te zien naar onderwijsniveau. De groep met veel vertrouwen is duidelijk groter bij de hooggeschoolden, de groep met weinig vertrouwen is het grootst bij de laaggeschoolden.

  • Meer vertrouwen in overheid in groot- en centrumsteden

    Het aandeel van de bevolking met vertrouwen in de overheid in het algemeen ligt iets hoger in de groot- en centrumsteden dan in de andere groepen van gemeenten. Maar al bij al blijven de verschillen naar verstedelijkingsgraad beperkt.

Bronnen

Statistiek Vlaanderen: SCV-survey

Publicatiedatum

20 december 2018

Volgende update

februari 2019

Meer cijfers

Contact