Werkgelegenheidsgraad

  • Werkgelegenheidsgraad in Vlaanderen op 67%

    De werkgelegenheidsgraad bedraagt in het Vlaamse Gewest anno 2018 67,0%. De werkgelegenheidsgraad zet de totale werkgelegenheid (van loontrekkenden en zelfstandigen) in een land of regio af ten opzichte van de totale bevolking van 15 tot 64 jaar in dat land of die regio.
    Er was een toename van de Vlaamse werkgelegenheidsgraad van 2003 tot 2008. Dat viel grotendeels samen met jaren van goede conjunctuur. Vanaf 2009 tot en met 2013 stabiliseerde de werkgelegenheidsgraad zich. Vanaf 2014 nam de werkgelegenheidsgraad jaar na jaar opnieuw toe. 

  • Grote verschillen in werkgelegenheidsgraad met of zonder aanpassing voor pendelbewegingen.

    Er bestaan grote verschillen in de werkgelegenheidsgraad met of zonder aanpassing voor de pendelbewegingen van werkenden, vooral in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest.
    De werkgelegenheidsgraad is binnen België het hoogst in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest omwille van het grote jobaanbod in het hoofdstedelijke gebied (overheidsinstellingen en administratieve zeters van bedrijven). Maar wanneer de activiteit van de Vlaamse pendelaars die in een ander gewest werken bij het Vlaamse Gewest wordt geteld, neemt de Vlaamse werkgelegenheidsgraad toe van 67,0% naar 70,6%. Ook de Waalse werkgelegenheidsgraad stijgt in dat geval, terwijl de Brusselse opmerkelijk krimpt.

  • Vlaamse werkgelegenheidsgraad laag in Europese vergelijking

    De werkgelegenheidsgraad ligt in de Europese Unie (EU) gemiddeld hoger (71,8% in 2018) dan in het Vlaamse Gewest. De meeste EU-lidstaten kennen een hogere werkgelegenheidsgraad, ook wanneer de arbeid van pendelaars verrekend wordt in de Vlaamse werkgelegenheidsgraad. Dat komt omdat Vlaamse bedrijven sedert jaren een kapitaalintensieve productiewijze voeren om de relatief hoge loonkost te beheersen.

    Luxemburg heeft een zeer hoge werkgelegenheidsgraad. Dat komt door het grote jobaanbod in de financiële sector en door de Europese instellingen die daar gevestigd zijn. Ook Nederland, Duitsland, Zweden en Denemarken hebben een hoge werkgelegenheidsgraad, wat deels te maken heeft met het hoger aandeel deeltijdse banen. De werkgelegenheidsgraad is het laagst in een aantal Zuid- en Oost-Europese landen.

Bronnen

FPB, SV, IWEPS, BISA: Regionale economische vooruitzichten 
Instituut voor de Nationale Rekeningen: Regionale rekeningen
Europese Commissie: Ameco

Publicatiedatum

20 december 2018

Volgende update

juli 2019

Meer cijfers

Contact