Woningtypologie

  • Bijna driekwart woont in eengezinswoning

    In 2018 woonde 74% van de Vlaamse huishoudens in een eengezinswoning en 25% in een meergezinswoning.

    De samenstelling van de woningvoorraad wijzigt traag: in 2005 maakten meergezinswoningen 20% uit van de totale woningvoorraad, in 2018 is dit aandeel gestegen tot 25%.

  • Eigendomsmarkt vooral eengezinswoningen, huurmarkt vooral meergezinswoningen

    De meerderheid van de woningen op de eigendomsmarkt zijn eengezinswoningen (90%), terwijl de private huurmarkt voor het grootste deel (69%) uit meergezinswoningen bestaat.

    De sociale huisvesting kent een meer gelijke verdeling van woningtypes, met een kleine meerderheid van meergezinswoningen (56%).

  • Meer meergezinswoningen bij nieuwbouw en in steden

    Het stijgend aandeel meergezinswoningen in de woningvoorraad is toe te schrijven aan een toenemend aandeel hiervan in de nieuwbouw. Het aandeel meergezinswoningen ligt in de bouwperiode na 2000 hoger dan in de vroegere bouwperiodes.

    In de grote steden zijn iets meer dan 6 op de 10 woningen een meergezinswoning. In minder verstedelijkt gebied neemt dit aandeel af. Buiten de steden is 15% van de woningen een meergezinswoning, 85% is een eengezinswoning.

Definities

Eengezinswoning: een woning bewoond door leden van 1 huishouden. Het is een grondgebonden woning, dit betekent dat het op de begane grond staat en dat er zich geen woningen boven (of onder) bevinden. Een eengezinswoning kan vrijstaand of halfopen zijn of zich in een rij van woningen bevinden.


Meergezinswoning: een woning die zich bevindt in een gebouw waar meerdere huishoudens wonen. Dit betekent dat er zich boven en/of onder de woongelegenheid van een huishouden andere woongelegenheden bevinden van andere huishoudens. Een meergezinswoning kan appartementen, gestapelde woningen (vb. duplex of triplex), studio’s, kamers, assistentiewoningen en kamers in een woonzorgcentrum zijn.

Publicatiedatum

26 april 2019

Meer cijfers

Contact

Vorige versies